Samen leren participeren in het Organisatieprogramma
Veel organisaties willen beter worden in participatie. Ze volgen een training, ontwikkelen een visie of stellen een participatieadviseur aan. Maar participatie werkt pas echt wanneer de hele organisatie ermee leert werken.
In de Relevant Gesprek® Academie zien we daarom steeds vaker organisaties kiezen voor een Organisatieprogramma Participatie. Niet als een losse training, maar als een interne werk- en leeromgeving waarin collega’s participatie toepassen in hun dagelijkse praktijk.
Het uitgangspunt is simpel: participatie leer je niet alleen door kennis op te doen, maar vooral door te oefenen in echte vraagstukken.
Learning by doing
De Relevant Gesprek® Academie is opgericht met één missie: zorgen dat er meer en betere gesprekken ontstaan over maatschappelijke onderwerpen.
Daarvoor hebben we de Relevant Gesprek® methodiek ontwikkeld. Deze helpt professionals om een participatievraag te vertalen naar een duidelijke aanpak en om het proces daarna zorgvuldig te begeleiden. Maar een methodiek werkt pas echt wanneer meerdere collega’s ermee kunnen werken. Daarom zijn de programma’s in de Academie gebaseerd op learning by doing: leren terwijl je werkt aan echte projecten.
Organisaties bouwen daarmee een eigen interne leeromgeving waarin kennis, begeleiding en praktijkervaring samenkomen.
Drie rollen in de organisatie
In organisaties die participatie structureel willen versterken, zien we vaak drie rollen ontstaan.
- Allereerst is er een borgingsrol. Dit zijn mensen die verantwoordelijk zijn voor het versterken van participatie binnen de organisatie. Zij kijken naar vragen zoals: hoe zorgen we dat collega’s dezelfde werkwijze gebruiken? Hoe nemen bestuur en management hierin hun rol? En hoe organiseren we ondersteuning bij participatievraagstukken?
- Daarnaast ontstaat er vaak een team van experts of Masters. Dit zijn professionals – vaak communicatieadviseurs of participatieadviseurs, die zich verdiepen in de methodiek en collega’s ondersteunen bij participatieprojecten.
- De derde groep bestaat uit collega’s die participatie toepassen in hun eigen projecten. Denk aan beleidsadviseurs, projectleiders of omgevingsmanagers. Zij werken met de methodiek in hun dagelijkse praktijk.
Juist de combinatie van deze rollen maakt het krachtig. De organisatie ontwikkelt niet alleen kennis, maar ook onderlinge ondersteuning en gezamenlijke taal.
Een interne leeromgeving
Het Organisatieprogramma Participatie is bedoeld om zo’n interne leeromgeving mogelijk te maken.
Collega’s krijgen toegang tot kennis, trainingen en praktische hulpmiddelen, maar ook tot ondersteuning zoals coaching, intervisie en een helpdesk. Daardoor kunnen ze vragen stellen wanneer ze vastlopen en leren van ervaringen van anderen. Daarnaast ontstaat er vaak ook binnen de organisatie een eigen groep waarin collega’s ervaringen delen, voorbeelden bespreken en elkaar verder helpen.
Het effect is dat participatie steeds meer onderdeel wordt van de normale manier van werken.
Waarom organisaties hiervoor kiezen
We zien dat steeds meer organisaties deze stap zetten. Niet omdat participatie verplicht is, maar omdat ze merken dat losse initiatieven onvoldoende zijn.
Wanneer meerdere collega’s tegelijkertijd met participatie werken:
- ontstaat er een gezamenlijke werkwijze
- leren collega’s van elkaars ervaringen
- groeit interne expertise
- en wordt participatie minder afhankelijk van één persoon
Met andere woorden: participatie wordt een organisatiecompetentie.
Conclusie
Participatie verbeteren vraagt meer dan een training of een beleidsdocument. Het vraagt om een organisatie die samen leert. Door te werken met een borgingsteam, experts en collega’s die participatie toepassen in hun projecten, ontstaat een leeromgeving waarin kennis en praktijk elkaar versterken.
Zo groeit participatie stap voor stap uit tot een structureel onderdeel van de manier van werken.
Wil je graag in gesprek om te kijken of we je kunnen helpen bij jouw participatie uitdagingen? Dat kan! Plan hier zelf jouw kennismakingsgesprek.