Draagvlak is geen participatiedoel. En dat is maar goed ook

Draagvlak is geen participatiedoel. En dat is maar goed ook

In aanbestedingen, projectplannen en uitvragen zien we het vaak terug: het doel van participatie is draagvlak creëren. Begrijpelijk, maar niet juist.

Want draagvlak is niet iets wat je vooraf kunt afspreken of garanderen. Het is geen knop waar je aan draait en ook geen resultaat dat vanzelf volgt uit een bewonersavond of enquête. Draagvlak is geen participatiedoel. Het kan wel een resultaat zijn van een zorgvuldig ingericht proces. 

Eerst helder krijgen waarom je in gesprek gaat

Participatietrajecten beginnen nog te vaak omdat het moet. Vanuit de Omgevingswet of in opdracht van de gemeenteraad. De neiging is dan om gelijk in de organisatiemodus te gaan.

Er moet een bijeenkomst komen, een klankbordgroep, een enquête of een online platform. Maar de echte vraag is eerst: waarom ga je eigenlijk in gesprek?

Wil je kennis en ervaring uit de omgeving ophalen?

  1. Wil je een plan verbeteren?
  2. Wil je belangen, zorgen en aandachtspunten in beeld krijgen?
  3. Of is vooral heldere communicatie nodig, omdat de ruimte voor invloed beperkt is?

Daar helpt Relevant Gesprek® bij. Een bewezen methodiek die het proces van participatie overzichtelijk en effectief maakt. Met het Relevant Gesprek® dwing je jezelf eerst tot scherpte: waarom voeren we dit gesprek, waarover, met wie en hoeveel ruimte is er echt? De methode laat ook zien dat participatie niet altijd de juiste strategie is. Soms is het echte vraagstuk een communicatievraagstuk.

Dat klinkt logisch, maar in de praktijk wordt deze stap vaak overgeslagen. En dan ontstaat verwarring. Bij opdrachtgevers, omdat niet scherp is wat het gesprek moet opleveren. Bij de omgeving, omdat onduidelijk blijft waar zij invloed op hebben.

Wat is dan wel een goed participatiedoel? 

Een goed participatiedoel is concreet. Bijvoorbeeld: de kwaliteit van een plan verbeteren, begrip vergroten, kennis uit de praktijk ophalen of eigenaarschap stimuleren. Dat zijn doelen waar je een proces op kunt ontwerpen. Het Relevant Gesprek® benoemt die doelen ook expliciet en maakt tegelijk duidelijk dat draagvlak daar niet tussen hoort als zelfstandig doel.

Dat is niet alleen een theoretisch verschil. Zodra “draagvlak creëren” het hoofddoel wordt, schep je grote verwachtingen. Alsof iedereen het uiteindelijk eens moet worden. Terwijl dat bij woningbouw, infrastructuur, energie of ruimtelijke keuzes vaak niet realistisch is. Daar zijn belangen nu eenmaal verschillend.

Een goed participatieproces belooft daarom niet dat iedereen tevreden zal zijn. Het zorgt er wel voor dat mensen weten waarover ze mee kunnen praten. Dat hun inbreng serieus wordt genomen en dat duidelijk is wat ermee gebeurt. En juist dat vergroot de kans op begrip, vertrouwen en soms ook draagvlak.

Relevant Gesprek® in de praktijk

Dat ziet Comcept ook terug in projecten die zij hebben begeleid.

Bij de nieuwe Omgevingsvisie Drenthe ging het om een groot en complex vraagstuk: hoe ziet de fysieke leefomgeving van Drenthe richting 2050 eruit? Dan werkt “iedereen overal over mee laten praten” niet. Het Relevant Gesprek® hielp om eerst scherp te krijgen wat het gesprek moest opleveren: bouwstenen ophalen voor de omgevingsvisie en belangen, ideeën en perspectieven goed in beeld brengen voor een afgewogen besluit. Vanuit die bedoeling is bewust gekozen voor focus op jongeren van 10 tot 35 jaar, omdat de horizon van 2050 in sterke mate over hun toekomst gaat. Andere inwoners, ondernemers, medeoverheden en maatschappelijke organisaties dachten ook mee, ieder op een manier die past bij hun rol en kennis. Niet om vooraf draagvlak te organiseren, maar om de inhoudelijke kwaliteit van de omgevingsvisie te versterken.

Bij de 50 tijdelijke woningen aan de Sportlaan in Ommen lag het vraagstuk anders. Daar speelde een urgente woonopgave: voor starters en spoedzoekers was snel passende woonruimte nodig, terwijl de druk op de woningmarkt hoog was en de wachttijd voor huurwoningen fors opliep. Tegelijk ging het om een ontwikkeling in de directe leefomgeving van omwonenden. Ook hier bracht het Relevant Gesprek® eerst de basis op orde. Waarom gaan we in gesprek? Waarover wel en waarover niet? Met wie precies? En welke vorm past daarbij? Die aanpak leidde tot een duidelijke keuze: participatie op de doelen bewustwording en kwaliteit, aangevuld met een stevige communicatieaanpak voor de bredere omgeving. Omwonenden konden meedenken over specifieke thema’s in de uitwerking, maar niet over alles. De locatie en de hoofdrichting stonden vast. Juist die helderheid maakte het proces geloofwaardig. Niet draagvlak beloven, maar verwachtingen goed managen en zorgvuldig het gesprek organiseren.

Wat opdrachtgevers hiervan kunnen meenemen

Voor opdrachtgevers in het publieke domein zit hier een belangrijke les. Participatie wordt beter als je preciezer durft te zijn.

Niet: hoe krijgen we draagvlak?
Maar: wat moet dit gesprek ons opleveren?

Niet: hoe nemen we de omgeving mee?
Maar: waar zit echt ruimte voor inbreng en waar niet?

Niet: welke werkvorm zetten we in?
Maar: welke aanpak past bij dit vraagstuk, deze fase en deze doelgroep?

Die scherpte voorkomt ruis, teleurstelling en schijnparticipatie. En het helpt om processen te ontwerpen die geloofwaardig zijn.

Goede participatie begint bij de bedoeling

Wij zien participatie niet als een verplicht onderdeel van een projectplan. Het is een proces dat alleen werkt als de basis klopt. Daarom beginnen we niet bij de uitvoering, maar bij de bedoeling.  Met het Relevant Gesprek® brengen we eerst het doel, het onderwerp, de betrokkenen en de ruimte voor inbreng scherp in beeld. Pas daarna bepalen we hoe het gesprek eruitziet. Want als het proces zorgvuldig is ingericht, ontstaat er ruimte voor betere plannen, meer begrip en sterkere keuzes.

En soms groeit daar ook draagvlak uit.

Maar dan is het geen doel.

Dan is het de opbrengst van participatie die serieus is genomen.


Mariëlle Schrijver

Mariëlle is strategisch communicatieadviseur bij Comcept

Beeld: Comcept

Reactie plaatsen